Cash betaling in de supermarkt

Iris begon op haar vijftiende als zaterdaghulp in een winkel te werken en Fabiënne werkte in een bouwmarkt. Hoe zijn zij ingewerkt in het werken bij de kassa? In een interview bespraken we hoe hun winkels om met contant geld omgingen en wat de overeenkomsten en verschillen zijn.

“Als je op je vijftiende begint met werken, dan mag je in het begin echt alleen nog maar vakkenvullen hoor. Je mag pas achter de kassa als je 16 wordt en ook meer uren mag maken.”, vertelt Iris. “Een ervaren collega leert je hoe de kassa werkt. Dat je de briefjes van € 50 in de cashbox onder kassa moet stoppen. Grotere biljetten namen we sowieso niet aan. Verder leer je terugtellen bij het geven van wisselgeld. Je telt dan terug vanaf het eindbedrag tot aan het biljet waarmee werd afgerekend. Dat is fijn voor de klant, maar je maakt ook zelf minder fouten. Verder werd ik meer getraind in klantvriendelijkheid, dan in veiligheid. Dat was meer een bijzaak.”

Veel contant

Dat ging wel even anders bij Fabiënne in de bouwmarkt. “Bij ons werd bijna alles cash afgerekend, van schroefjes tot hele badkamers aan toe.” Vaak omdat de bouwvakkers zelf contant betaald krijgen voor hun klus en dat geld deels nodig hadden om hun materialen te betalen. “Iedereen, maar dan ook echt iedereen van het personeel werd uitgebreid getraind. We wisten precies hoe we de grote coupures moesten scannen op echtheid en dat de blauwe lamp controle door onze leidinggevende gedaan moest worden. Wij werkten ook wel met een cashbox, maar biljetten van € 100 gingen regelrecht de kluis in.”

Meer weten over CAS? Lees verder.. Of bel ons op 0900 - 447 00 00

Tijd met de klant

“Oh ja, de kluis!”, herinnert Iris zich ineens. “Daar gingen elke avond de kassalades in en die werden dan ’s ochtends geteld. Je kreeg aan het begin van de dag altijd hetzelfde bedrag aan wisselgeld mee om te starten. Dat regelde mijn bedrijfsleider.” Dat was best een gedoe herinnert ze zich. Het was makkelijker geweest om dat geld dan gewoon in een CASkluisje op te bergen en op te laten halen. “Dat had ons ook echt wel personeel gescheeld, als mijn bedrijfsleider gewoon die uren zelf met de klanten had kunnen werken.”

Gepinde fooi

Iris is pas weer in een nieuwe baan begonnen, dit keer in de horeca. Wat opvalt is dat je daar al een tijd moet werken, voor je aan het geld mag komen. “Ik neem nu alleen nog maar bestellingen op en serveer ze uit.” Over de kassa heeft ze wel uitleg gehad, maar meer nog niet. Waar de kluis staat is voor haar nog onbekend, al is die er wel. “Wat wel grappig is, is dat zoveel mensen pinnen in onze zaak. Zelfs de fooi wordt gepind. En dan halen we dat bedrag dus uit de kassa en stoppen het in de fooienpot.” Zo blijft contant geld in elke zaak onmisbaar en blijken ondernemers nog steeds voorzichtig voor ze nieuwe medewerkers met het geld vertrouwen.